
YOUNG, NEIL
ARCHIVES 1963-1972
Releasedatum: 29-05-2009
Item-nr: 2354350 EAN: 0093624996057
Drager: CD (Aantal 8)
Levertijd: 3 werkdagen
Herkomst: NL
€ 99,99
RECENSIE (1220x bekeken)
Reikhalzend hebben we hier naar uitgekeken en eindelijk is het een feit, het eerste deel van Archives is verschenen. Young is vanaf de zeventiger jaren fanatiek verzamelaar van alles wat met zijn carrière te maken heeft – er is later zelfs een speciaal Archives-team voor samengesteld – en beschikt over een enorm archief met beeld- en geluidsmateriaal. Dat moet nu een plek krijgen op een unieke collectie schijven op diverse formaten. Een van de hoofdredenen van al het uitstel was vooral de problemen rondom de te kiezen geluidsdrager. Young verafschuwt het geluid van de gewone cd en dat probleem is met de komst van Blue Ray eindelijk naar tevredenheid opgelost. Deze geluidsdrager heeft wel het vereiste spectrum en biedt legio technische mogelijkheden. Daarnaast was Young steeds bezig met nieuwe albums die keer op keer voorrang kregen.
Het eerste deel van Archives beslaat tien schijven waarvan de eerste (disc 00) meteen het interessantste is. Hier vind je opnames uit de vroege jaren van Young toen hij nog in Canada in bandjes zat. Met The Squires bijvoorbeeld speelde hij de kroegen plat en je hoort zijn uit duizenden herkenbare gitaarstijl meteen. Dan raakt hij onder invloed van folk en Dylan in het bijzonder en dat hoor je in de demo’s die hij maakte voor Elektra in New York. Op disc 01 staat de Buffalo Springfield in volle glorie. Gekozen is voor de monoversies die we ook al van de box kennen en er zijn twee onbekende tracks (waaronder het fantastische Sell Out) toegevoegd. De volgende schijf laat een zoekende Young horen die net uit de Springfield is gestapt en een solocarrière tracht op te zetten. Hij woont in de hippie/kunstenaarsconclave Topanga en we horen veel songs van zijn eerste titelloze album, soms in een afwijkende mix. Cruciaal is de ontmoeting met The Rockets. Als hij met deze band gaat samenspelen is het resultaat explosief en daarmee sluit disc 02 dan ook af. Drie knallende songs van het album Everybody Knows This Is Nowhere laten Young en de inmiddels tot Crazy Horse omgedoopte band in topvorm horen en hier dan ook eindelijk in een fenomenale geluidskwaliteit. De cd-versie van Everybody Knows This Is Nowhere klonk immers als een krant en dat is hier volledig hersteld.
Disc 03 is een concert vergelijkbaar met het kort geleden uitgebrachte Sugar Mountain. Young speelt in 1969 in Toronto een soortgelijke set waarbij een mooie preview van Whiskey Boot Hill opvalt. De eerder verschenen registraties uit Fillmore East en Massey Hall zijn ook in de box terug te vinden op respectievelijk disc 05 en 07. Disc 04 is het tweede deel van Topanga en laat de sterke ontwikkeling horen die Young in deze jaren doormaakt. Hij maakt zijn beste albums (After The Goldrush en Harvest) en gaat samenwerken met Crosby, Stills & Nash. Op deze schijf en disc 06 staat dan ook vooral materiaal van deze platen en vaak weer in een afwijkende mix. Drie legendarisch geworden Crazy Horse-outtakes zijn ook hier te vinden: Everybody’s Alone, Dance Dance Dance en It Might Have Been krijgen eindelijk hun officiële release. Afgesloten wordt met een paar sterke CSN & Y live-versies van Tell Me Why en Only Love Can Break Your Heart.
Disc 08 staat volledig in het teken van Harvest. Young is de superster geworden die hij eigenlijk niet wil zijn – dat zal zijn weerslag hebben op het vervolg van zijn carrière – en is zijn maatjes uit CS & N voorbijgestreefd. Hij heeft een Ranch gekocht die Broken Arrow wordt gedoopt en bouwt er zijn eigen studio. Het album staat er in diverse afwijkende versies op en klinkt als nooit tevoren. Ook nu valt op hoe goed de band is die Young verzameld heeft – The Stray Gators zullen dan ook later nog vaak zijn begeleidingsband vormen.
Naast muziek heeft Young een grote interesse gekregen voor films en het eerste resultaat van zijn regiekwaliteiten krijg je te zien in Journey Through The Past. De film uit 1973 is destijds volledig geflopt en ziet er ook nu hopeloos gedateerd uit. Geen wonder dat Young’s regiepseudoniem Bernard Shakey werd. Toch toont de film vooral in het begin mooie beelden die lang niet te zien waren: Buffalo Springfield, Crosby, Stills, Nash & Young en scènes van de opnames van Harvest maken de film de moeite van het bekijken waard.
Wie een DVD of Blue Ray editie heeft gekocht kan zich vervolgens vermaken op een enorme hoeveelheid extra;s. In de vele menu’s kun je een schat aan memorabilia vinden en wie goed zoekt komt de nodige muziek tegen die vaak van beeld vergezeld gaat. Echte juweeltjes zitten verborgen in de Timeline, daarin o.a. prachtige concertopnames van CSNY en een solo caféoptreden uit 1970. Er is een werkelijk prachtig uitgevoerd en rijk geillustreerd boek toegevoegd waarin je alles terug kunt vinden en er is een kistje met daarin Sugar Mountain en een toegangscode om alles op mp3 te kunnen downloaden. Beziitters van de Blue Ray hebben het voordeel dat ze kunnen luisteren terwijl ze navigeren en ze hebben de mogelijkheid tot het downloaden van extra tracks - zo beloofd de box. Deze Archives moest volgens Young de nieuwe standaard worden en dat lijkt te zijn gelukt. Het is een overdadig en overweldigend overzicht geworden van nog maar het eerste deel van een imposante carrière, samengevat in een enorme doos. Het vervolg is iets waar we de komende jaren weer naar uit kunnen zien.
Het eerste deel van Archives beslaat tien schijven waarvan de eerste (disc 00) meteen het interessantste is. Hier vind je opnames uit de vroege jaren van Young toen hij nog in Canada in bandjes zat. Met The Squires bijvoorbeeld speelde hij de kroegen plat en je hoort zijn uit duizenden herkenbare gitaarstijl meteen. Dan raakt hij onder invloed van folk en Dylan in het bijzonder en dat hoor je in de demo’s die hij maakte voor Elektra in New York. Op disc 01 staat de Buffalo Springfield in volle glorie. Gekozen is voor de monoversies die we ook al van de box kennen en er zijn twee onbekende tracks (waaronder het fantastische Sell Out) toegevoegd. De volgende schijf laat een zoekende Young horen die net uit de Springfield is gestapt en een solocarrière tracht op te zetten. Hij woont in de hippie/kunstenaarsconclave Topanga en we horen veel songs van zijn eerste titelloze album, soms in een afwijkende mix. Cruciaal is de ontmoeting met The Rockets. Als hij met deze band gaat samenspelen is het resultaat explosief en daarmee sluit disc 02 dan ook af. Drie knallende songs van het album Everybody Knows This Is Nowhere laten Young en de inmiddels tot Crazy Horse omgedoopte band in topvorm horen en hier dan ook eindelijk in een fenomenale geluidskwaliteit. De cd-versie van Everybody Knows This Is Nowhere klonk immers als een krant en dat is hier volledig hersteld.
Disc 03 is een concert vergelijkbaar met het kort geleden uitgebrachte Sugar Mountain. Young speelt in 1969 in Toronto een soortgelijke set waarbij een mooie preview van Whiskey Boot Hill opvalt. De eerder verschenen registraties uit Fillmore East en Massey Hall zijn ook in de box terug te vinden op respectievelijk disc 05 en 07. Disc 04 is het tweede deel van Topanga en laat de sterke ontwikkeling horen die Young in deze jaren doormaakt. Hij maakt zijn beste albums (After The Goldrush en Harvest) en gaat samenwerken met Crosby, Stills & Nash. Op deze schijf en disc 06 staat dan ook vooral materiaal van deze platen en vaak weer in een afwijkende mix. Drie legendarisch geworden Crazy Horse-outtakes zijn ook hier te vinden: Everybody’s Alone, Dance Dance Dance en It Might Have Been krijgen eindelijk hun officiële release. Afgesloten wordt met een paar sterke CSN & Y live-versies van Tell Me Why en Only Love Can Break Your Heart.
Disc 08 staat volledig in het teken van Harvest. Young is de superster geworden die hij eigenlijk niet wil zijn – dat zal zijn weerslag hebben op het vervolg van zijn carrière – en is zijn maatjes uit CS & N voorbijgestreefd. Hij heeft een Ranch gekocht die Broken Arrow wordt gedoopt en bouwt er zijn eigen studio. Het album staat er in diverse afwijkende versies op en klinkt als nooit tevoren. Ook nu valt op hoe goed de band is die Young verzameld heeft – The Stray Gators zullen dan ook later nog vaak zijn begeleidingsband vormen.
Naast muziek heeft Young een grote interesse gekregen voor films en het eerste resultaat van zijn regiekwaliteiten krijg je te zien in Journey Through The Past. De film uit 1973 is destijds volledig geflopt en ziet er ook nu hopeloos gedateerd uit. Geen wonder dat Young’s regiepseudoniem Bernard Shakey werd. Toch toont de film vooral in het begin mooie beelden die lang niet te zien waren: Buffalo Springfield, Crosby, Stills, Nash & Young en scènes van de opnames van Harvest maken de film de moeite van het bekijken waard.
Wie een DVD of Blue Ray editie heeft gekocht kan zich vervolgens vermaken op een enorme hoeveelheid extra;s. In de vele menu’s kun je een schat aan memorabilia vinden en wie goed zoekt komt de nodige muziek tegen die vaak van beeld vergezeld gaat. Echte juweeltjes zitten verborgen in de Timeline, daarin o.a. prachtige concertopnames van CSNY en een solo caféoptreden uit 1970. Er is een werkelijk prachtig uitgevoerd en rijk geillustreerd boek toegevoegd waarin je alles terug kunt vinden en er is een kistje met daarin Sugar Mountain en een toegangscode om alles op mp3 te kunnen downloaden. Beziitters van de Blue Ray hebben het voordeel dat ze kunnen luisteren terwijl ze navigeren en ze hebben de mogelijkheid tot het downloaden van extra tracks - zo beloofd de box. Deze Archives moest volgens Young de nieuwe standaard worden en dat lijkt te zijn gelukt. Het is een overdadig en overweldigend overzicht geworden van nog maar het eerste deel van een imposante carrière, samengevat in een enorme doos. Het vervolg is iets waar we de komende jaren weer naar uit kunnen zien.
| Recensent | : Bert Dijkman |
| Datum | : 14-05-2009 |
| verschenen in Platomania | : 256 |
| Waardering | : 9.9 |
MIJN WAARDERING
WAARDERING
6
AANTAL WAARDERINGEN
3
2009-06-30 17:12:04 |
Gekozen voor de cdversie. Geen moment spijt, hoe vaak zal je die extraatjes bekijken. Het gaat om de muziek en die is meer dan dik in orde. Dit is toch wel zijn intressantste periode. |

